paarden

De allerbeste voeding voor paarden is gras, kruiden, en sommige bomen en struiken. Paarden hebben maar een relatief kleine maag, niet veel groter dan van een uit de kluiten gewassen mens. Dat is ook logisch voor een vluchtdier die ten alle tijden moet kunnen wegspurten; dat gaat moeilijk met een volle maag. Om toch te zorgen dat ze voldoende binnen krijgen eten ze gewoonweg de hele dag en nacht door. Gemiddeld besteden wilde paarden zo’n 60 tot 70% van de tijd aan eten.

Omdat het verse plantmateriaal al ruim in hun vochthuishouding voorziet blijkt 1 keer per dag eens goed drinken vaak voldoende. Daarnaast blijft hun gebit in top conditie. De tanden van paarden blijven namelijk hun hele leven doorgroeien. Stalpaarden hebben vaak problemen met hun gebit omdat de tanden niet voldoende slijten en dan geveild moeten worden.

Vertering doen paarden in feite niet zelf. Het blijkt dat er een fermentatie plaats vindt door een onnoemelijk rijke darmflora. Bij dit proces komt veel warmte vrij. Vandaar ook dat paarden die de hele dag door gras of hooi ter beschikking hebben het nooit koud hebben. Daarnaast maken deze darmflora bacteriën zaken aan zoals vitamine C en andere belangrijke vitaminen. 

Mensen zijn vaak bang om hun paarden onbeperkt gras te laten eten. Ze denken dat het slecht is. Nu is dit niet helemaal zonder waarheid en dat komt door de volgende dingen:

  • Eerst en vooral zijn de weides vaak bemest en dan nog met kunstmest. Daarnaast is er heel vaak een grasmix speciaal voor koeien gezaaid en zijn kruiden volledig uitgeroeid.
  • Omdat de weides vaak te klein zijn en de paarden al snel honger hebben gaan ze grazen op plekken waar ze gemest hebben, zo ontstaan wormbesmettingen dus. Als ook het gras bij de mest weg is gaan ze andere zaken proberen… en dan gaan paarden dus planten eten die toxines bevatten.
  • Een ander probleem is dat paarden het hele jaar op stal hebben gestaan, op brokken en granen en een plukje hooi. Ze krijgen daardoor problemen wanneer ze voor het eerst weer op een weide komen (die ook nog vaak als hierboven is beschreven). De paarden eten tot ze er bijna bij neer vallen nu ze eindelijk in hun behoefte kunnen voorzien. Maar hun systeem is er niet meer op ingesteld, er zijn niet voldoende fermentatie organismes aanwezig, het maagzuur is te zuur (omgekeerd van de carnivoor dus!) en hun systeem slaat op tilt. Diaree, gasophoping en obstructie leiden tot koliek. En zo durft men het paard niet meer te laten grazen en komt het terug op stal…

Hoefbevangenheid
Een ander probleem dat vaak wordt geweten aan gras of het eiwit in gras is hoefbevangenheid. Dit heeft echter niets te maken met de eiwitten of gras aan zich maar wederom met de te kleine weides. Wanneer het gras helemaal kort is raakt het gestrest. Dit gras eten paarden normaal niet, ze gaan verder naar lang gras. Wanneer de temperatuur onder de 10 graden komt en de zon wel schijnt gaat het te korte gras veel fructose aanmaken. Het is de fructose wat hoefbevangenheid kan veroorzaken bij paarden. Fructanen zijn de reservekoolhydraten van planten.

De opslag van deze koolhydraten in de plant wordt bepaald door licht, temperatuur, en vochtigheidsgraad. Wanneer fructanen als snel verteerbare koolhydraten in de dikke darm van het paard terecht komen, kan dat schadelijk zijn voor de darmbacteriën. Het lichaam ervaart zulke verstoringen van het darmmilieu als een vergiftiging en reageert hierop door het bloed te verdikken. Omdat het verdikte bloed niet meer voldoende door de (zeer fijne) capilaire bloedvaten kan stromen, treedt de zo gevreesde hoefbevangenheid op.

Verder denken veel mensen dat paarden dik worden van gras. Het is echter de volle darmen die de indruk wekken van dik zijn. De paarden krijgen een dikke buik zoals dat hoort bij herbivoren. Zet ze echter een halve dag niet op gras en ze zijn weer slank.

In Nederland en Vlaanderen zijn er vaak niet genoeg weides voor paarden. Alle nadelen die hierboven beschreven zijn komen dus aan bod. Maar daarnaast is er door het klimaat nog een groot nadeel: modder. Vanwege het natte klimaat lopen de paarden de grasmat volledig stuk. Wat over blijft is een en al modder, dus de paarden verdwijnen weer op stal.

Hoe nu praktisch aan te pakken:
Als je in de gelukkig positie bent dat je 0,5 tot 1 hectare per paard hebt, heb je het goed voor elkaar, dan heb je voldoende land. Je kunt je paarden het beste dag en nacht buiten laten. Door dat ze constant eten houden ze zich warm. Ze trainen zichzelf en houden hun geest gezond. Bovendien hoef je geen ijzers en dekens te gebruiken. De weides worden natuurlijk bemest, de paarden gaan het gebied indelen, zo ontstaat er een rijke verscheidenheid aan flora. Bomen die je kan planten zijn de Berk, de Kronkelwilg, Dennen en fruitbomen (niet te veel), en de Meidoorn is een geschikte struik. De belangrijkste giftige plant die je moet weren is Jacobskruiskruid! In de zomer als het droog is laat je de drinkplaats overlopen zodat de paarden een keer per dag met hun voeten in de natte moeder komen, zo onderhoud je hun voeten. Tevens een rotsachtig stuk om over te lopen is ideaal (lang leve de Eifelse bergen), zodat de voeten meer slijten en je (bijna) niet hoeft te kappen en veilen. Daarnaast voorzien de voeten in een pompwerking als aanvulling op de werking van het hart. Wanneer paarden niet genoeg kunnen bewegen omdat ze de hele dag op stal staan en ook nog eens op ijzers, kunnen afvalstoffen vrijwel niet meer weg uit het lichaam en hoopt zich op in de lever, manenkam, staartwortel en lever.

Als je niet voldoende land hebt: Hooi, hooi en nog eens hooi
Dan maak je het best zand paddocks, eventueel met verharde bodem voor het slijten van de voeten, wat zeker ook voor jonge paarden goed is voor de botstructuur. Hoe groter de paddock en hoe meer paarden van verschillende leeftijd en geslacht hoe beter natuurlijk. Helemaal goed is het om veulens bij op te laten groeien want deze worden dan direct al perfect opgevoed. Verder geef je indien mogelijk 24 uur per dag grofstengeling hooi vrij van Jacobskruiskruid. Je kan weidekruiden zoals Brandnetel, Kamille, Rozebottel, Berk, Mariadistel etc. geregeld bijvoeren in gedroogde of verse vorm. Geef de paarden geregeld takken van Berken, fruitbomen en of Kronkelwilg. De Berk en de Kronkelwilg zijn natuurlijke pijnstillers, en bovendien verzorgen ze de tanden van de paarden. Zorg ook hier dat in de zomer hun voeten een per dag goed nat worden om het drinken aan de drinkplaats in de natuur na te bootsen.

Brokken 
Brokken zijn deels gemalen en geperste granen met melasse. Deze brokken veroorzaken problemen voor het gebit en voor de maag. Bovendien is de suikerstroop (wat melasse eigenlijk is) een aanslag op de weerstand van het paard. De vele chemische toevoegingen en eiwitten uit bijvoorbeeld vismeel hebben natuurlijk ook een extreem vergiftigend effect! De fermentatie gaat achteruit, het maagzuur wordt te zuur en paarden krijgen problemen zoals maagzweren. Door de constante vergiftiging van verkeerde en chemisch bewerkte voeding naast de stress van het opgesloten staan, verveling door geen sociale contacten, niet kunnen bewegen en niet kunnen eten de hele dag door krijgen paarden steeds meer problemen, zowel qua gezondheid als qua gedrag. En dan hebben we het nog niet gehad over de stress die een bepaalde trainingswijze en de hulpmiddelen erbij tot stand kunnen brengen…

Heb of ken jij een paard of pony wat je graag op een goeie pensioen-stal wilt zetten? Kijk eens op de website van Horserij Hamara: www.eifelpensioenstal.com en wie weet... geniet jouw lieve schat binnenkort ook van alle mooie dingen die een paardenleven hoort te hebben!

tags

 

ons adres

  • Adres: Habscheider Mühle 3 | 54597 Habscheid
    Duitsland (Eifel)
  • Tel: +49 (0)6556 9000 294
  • Email: This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.
  • Website: http://www.hamara.eu
You are here: Home dieren voeding paarden